Nijmegen heeft twee dingen die zeldzaam zijn in Nederland: echt hoogteverschil en een rivier met maar een paar oversteken. Allebei maken ze een achtervolging beter.
De stad loopt op vanaf de Waal, en dat merk je. Hoogteverschil betekent zichtlijnen: vanaf het Valkhof of de Waalkade kijk je over een deel van de stad uit. Voor jagers is dat een echt hulpmiddel, voor vossen een reden om laag te blijven.
De Waal splitst het speelgebied en er zijn maar een paar oversteken: de Waalbrug, de Oversteek en het voetveer bij goed weer. Neem je Lent mee in het speelgebied, dan wordt elke oversteek een risico dat de vossen bewust moeten nemen.
De binnenstad zelf is compact en goed beloopbaar, dus je hebt geen vervoer nodig zolang je aan de zuidkant van de rivier blijft.
Vanaf de hoger gelegen delen zie je een stuk van de stad. Jagers die dat doorhebben, sparen zichzelf een hoop rondlopen.
Neem je de overkant mee, dan wordt de oversteek het spannendste moment van het spel. Laat je hem weg, dan blijft het een compacte stadsjacht.
Een eindpunt aan het water is makkelijk te vinden en een prettige plek om als groep samen te komen als de avondklok valt.
Voor de meeste groepen niet, maar het is merkbaar. Kies bij een gemengde groep een speelgebied dat vooral in het vlakkere deel ligt.
Het maakt het spel beter, want de oversteek wordt dan een beslissing met risico. Voor een korter spel kun je het beter weglaten.
De binnenstad is dan te druk om elkaar te zoeken. Kies in die week een speelgebied buiten het centrum.
Ja. Voor grote groepen kun je meerdere spellen tegelijk draaien, elk met eigen teams en uitslag.
Speel het gratis proefspel om te zien hoe het werkt, en prik daarna het speelgebied met of zonder de overkant.
Gratis proberen